Nederlands
Fries
teaser
overlay

Nieuws

print
15 september 2015

Antwoord schriftelijke vragen over huisvesting vluchtelingen

Het CDA heeft schriftelijke vragen gesteld over de huisvesting van vluchtelingen in Fryslân. De Huisvestingswet zegt dat gemeenten elk half jaar een vastgesteld aantal asielzoekers met een verblijfsvergunning (statushouders) moeten huisvesten. De provincie heeft hierop een toezichthoudende rol.
 
Het platform ‘Opnieuw Thuis’ is een samenwerkingsverband dat gemeenten steun biedt en faciliteert bij het huisvesten van vluchtelingen met een verblijfsvergunning. Ditzelfde platform geeft aan dat er in de eerste helft van 2015 flink gepresteerd is door de Nederlandse gemeenten. Meer dan 11.000 vluchtelingen met een verblijfsvergunning kregen een woning toegewezen. Voldoende is het echter nog niet, want het aantal mensen met een verblijfsvergunning ligt hoger dan de geleverde huisvesting. Het gevolg is dat 5.300 mensen wel een verblijfsvergunning maar nog geen huisvesting hebben en dit is voor CDA Fryslân niet acceptabel. Daarnaast blijft het aantal te huisvesten vluchtelingen groeien en de gemeenten staan daarom voor de opgave om voor het eind van dit jaar 2020 vergunninghouders een woning te bieden.

Volgens de Statenleden Fernande Teernstra en Maaike Prins (beiden CDA) doet Friesland het goed in vergelijking met de andere provincies. De meeste gemeenten voldoen aan hun taakstelling om vluchtelingen te huisvesten. Het CDA vraagt het college van Gedeputeerde Staten wel of de provincie in gesprek is met gemeenten die niet voldoen aan de taakstelling. Ook vraagt het CDA hoe de provincie Friesland verwacht om te gaan met de groei van het aantal te huisvesten vluchtelingen in de toekomst.

Hieronder vindt u de antwoorden van 15 september op de schriftelijke vragen die op 13 augustus door het CDA zijn gesteld:

1. Herkent u het beeld wat Platform Veilig Thuis schetst?
Het door Platform Opnieuw Thuis geschetste landelijke beeld herkennen wij ook voor Fryslân.
In de eerste helft van 2015 kregen 355 vluchtelingen met een verblijfsvergunning een huis toegewezen, tegenover 265 in het eerste half jaar van 2014. De taakstelling bedroeg 539 toewijzingen, waar deze eerste helft 2014 nog 251 bedroeg. Het is dus ondanks een toename van het aantal huisvestingen nog niet gelukt om die sterk verhoogde taakstelling te realiseren. Desondanks constateren wij dat de Friese gemeenten actief en voortvarend bezig zijn om de verhoogde taakstelling te halen en al inspelen op een verdere verhoging van de taakstelling.

2. Friesland doet het in vergelijking met andere provincies goed. Er zijn maar een aantal gemeenten welke niet kunnen voldoen aan de taakstelling. Is de provincie met de gemeenten in gesprek over deze taakstellingen?
Fryslân heeft per 1-7-2015 een achterstand van 71 te huisvesten personen. Ten opzichte van de landelijke cijfers is die achterstand relatief beperkt, maar eerder, in 2014 en begin 2015 was nog sprake was van een voorsprong op de taakstelling. Van de 24 Friese gemeenten hebben er nu 11 gemeenten (2014: 9) een achterstand, waarvan enkele een zeer beperkte. Wij zijn voortdurend in gesprek, in eerste instantie ambtelijk, met gemeenten, corporaties, COA, Vluchtelingenwerk en overige bij de huisvesting betrokken maatschappelijke instanties. Wij praten niet alleen met gemeenten met een achterstand, maar met alle gemeenten, als een vorm van preventieve aanpak. We doen dat, overeenkomstig de in Fryslân ontwikkelde methodiek, in regionaal verband. In de gesprekken is de samenwerking tussen de regievoerders van het COA, de gemeente en de corporaties aan de orde en kijken we niet alleen naar de halfjaarresultaten, maar ook naar de voortgang in het proces van toewijzingen. In de werkbezoeken van de Commissaris van de Koning aan gemeenten is dit vast onderdeel van de agenda.

3. Hoe ziet u deze problematiek in de toekomst vanwege de verwachte groei van de te huisvesten vluchtelingen? Kan Friesland voorlopig zijn taakstelling nagenoeg blijven halen?
Landelijk en regionaal bestaat zorg over de problematiek. Het halen van de verhoogde taakstelling wordt zichtbaar moeilijker, ook in Fryslân. In het Platform Opnieuw Thuis, waarbij het IPO is betrokken, is gesignaleerd dat betere samenwerking op het gebied van analyse, aanpak en oplossing van de problematiek noodzakelijk is. De primair betrokken partijen (COA, gemeenten, corporaties) zoeken nu naar alternatieve huisvestingsvormen, om de druk op de reguliere huurvoorraad van de corporaties iets te verminderen.
 

Meer informatie:

Fernande Teernstra, Statenlid CDA Fryslân, (06) 47 00 73 00, f.teernstra@fryslan.frl
Maaike Meindertsma-Prins, Statenlid CDA Fryslân, (06) 10510667, m.prins@fryslan.frl