Nederlands
Fries
teaser
overlay

Nieuws

print
27 oktober 2015

Financiële tekorten mogen niet leiden tot verschraling OV in Friesland

Naar aanleiding van een onderzoek door PricewaterhouseCoopers (PwC) in opdracht van Staatssecretaris Wilma van Mansveld blijkt dat er een financieel tekort is bij Prorail. Één van de ideeën die wordt geopperd om dit financiële tekort op te lossen is het wegnemen van zes lijnen uit het hoofdspoornetwerk. Twee van die lijnen liggen in Friesland, te weten de treinlijnen Leeuwarden-Harlingen en Leeuwarden-Stavoren.
 
Vragen
Volgens de CDA-Statenfractie kan en mag het tekort bij Prorail er niet toe leiden dat er verschraling optreedt in het Friese openbaar vervoer. Teus Dorrepaal en Wendy Zuidema-Haans (CDA-Statenleden): “Wij vragen Gedeputeerde Staten alert te zijn op dit punt en contact op te nemen met de Staatssecretaris. Het college van Gedeputeerde Staten moet vinger aan de pols houden en Provinciale Staten zo snel mogelijk voorzien van actuele gegevens. Het Friese openbaar vervoer mag vanwege deze financiële tekorten niet de dupe worden.” Het CDA vraagt daarom om opheldering bij het college. Ook wil het CDA graag weten hoe de Gedeputeerde Staten tegenover dit nieuws staan en welke acties worden ondernomen om verschraling van het openbaar vervoer tegen te gaan.

Antwoorden
Op 19 oktober hebben wij onderstaande reactie van het college ontvangen:

"Wij hebben geconstateerd dat het niet voor iedereen duidelijk is wat het precies betekent als lijnen uit het hoofdspoornetwerk worden gehaald. Als lijnen uit het hoofdspoornetwerk (HRN) worden gehaald wil dat alleen zeggen dat het ‘beheer en onderhoud’ van deze lijnen niet meer gebeurt in opdracht van het ministerie van Infrastructuur en Milieu. Het wil dus niet zeggen dat er geen treinen meer rijden. Eerder is dat gebeurd bij de Hofpleinlijn (Rotterdam Pijnacker-Den Haag CS), thans Randstadrail. Hier wordt het ‘beheer en onderhoud’ nu uitgevoerd in opdracht van Haaglanden en stadsregio Rotterdam.

Vraag 1: Heeft de gedeputeerde kennis genomen van het PwC-onderzoek dat in opdracht van staatssecretaris Mansveld is uitgevoerd, om kostenbesparende maatregelen te inventariseren voor ProRail, om het tekort van 475 miljoen euro dat ProRail heeft op te lossen?

Antwoord vraag 1: Ja.

Vraag 2: Was de gedeputeerde al eerder op de hoogte van de financiële tekorten bij ProRail, welke aanleiding lijken te zijn tot het overwegen te snoeien in aanbod?

Antwoord vraag 2: Nee.

Vraag 3: Indien de berichten juist zijn t.a.v. de tekorten bij ProRail, wat is de mening van de gedeputeerde t.a.v. het ontstaan ervan?

Antwoord vraag 3: Van ProRail hebben wij begrepen dat er geen sprake is van opgetreden tekorten. Wel is er een verschil voorzien tussen de door ProRail benodigde middelen en bij het Rijk beschikbare middelen in de periode van 2018-2028. Wij vinden het goed dat dit nu reeds door beide partijen is onderkend.

Vraag 4: Is er een -en zo ja welke- directe en/of indirecte relatie tussen GS en ProRail?

Antwoord vraag 4: Ja, via het regulier bestuurlijk overleg van SNN+Overijssel, ProRail en IenM. Daarnaast is er periodiek bestuurlijk overleg met ProRail over de concrete spoorprojecten in Fryslân. Als er buiten deze overleggen nog zaken op bestuurlijk niveau besproken moeten worden, is dat altijd mogelijk.

Vraag 5: Wat vindt de gedeputeerde van de voorgestelde maatregelen die betrekking hebben op Fryslân met name de spoorljnen Leeuwarden-Harlingen en Leeuwarden-Stavoren?

Antwoord vraag 5: Het college is verontrust over het mogelijke effect dat de voorgestelde maatregelen kunnen hebben op de treindiensten van en naar de voornoemde Friese steden en de Waddeneilanden Vlieland en Terschelling.

Vraag 6: Zijn er behalve bedreigingen ook kansen voor de provinciale openbaar vervoer - infrastructuur door de noodzaak van bezuinigingen bij ProRail?

Antwoord vraag 6: Een mogelijkheid zou kunnen zijn dat het beheer van de spoorlijnen wordt overgedragen aan de provincies om daarmee een bezuiniging te realiseren. In dat kader zal dan door ons, zo mogelijk in samenspraak met andere provincies of en zo ja op welke wijze daaraan invulling kan worden gegeven, waarbij voorop staat de kwaliteit van dienstverlening aan de treinreiziger er niet op achteruit mag gaan.
 
Vraag 7: Is of gaat de gedeputeerde in actie — en zo ja welke actie(s) met welke inhoud — t.a.v. de maatregelen die worden geopperd m.b.t. het aanbod in Friesland?

Antwoord vraag 7: Wij hebben zowel aan ProRail als de Staatssecretaris onze zorgen duidelijk gemaakt. Thans wordt in samenspraak met de aan het spoor gelegen gemeenten een brief voorbereid aan de staatssecretaris. Tijdens de landelijke spoortafel op vrijdag 2 oktober jl. heeft de staatssecretaris alsmede de aanwezige directeur van ProRail aangegeven richting de gedeputeerde dat naar verwachting in januari 2016 aan te kunnen geven wat er met de aanbevelingen zoals vermeld in voornoemd rapport zal worden gedaan.

Vraag 8: Kan Gedeputeerde toezeggen op accurate wijze de vinger aan de pols te houden en waar noodzakelijk PS (pro-) actief te informeren waar het gaat om de financiële situatie ProRail en de mogelijke gevolgen ervan voor Friesland?

Antwoord vraag 8: Ja."
   

Meer informatie:

CDA-Statenlid Teus Dorrepaal, t.dorrepaal@fryslan.frl, 06-20696774
CDA-Statenlid Wendy Zuidema - Haans, w.zuidema@fryslan.frl, 06-10813721